Doorgaan naar hoofdcontent

BBQ

Het had wat voeten in de aarde, maar na een stevige discussie via de ‘groepsapp’ over de inkopen en een, voor ons allen, geschikte datum was het die zaterdag dan eindelijk zo ver, de ‘pré mountainbikeweekend’ barbecue! Tijdens deze pré-mountainbikeweekend-barbecue konden we alle huishoudelijke zaken bespreken met betrekking tot een weekendje mountainbiken in het heuvelachtige Sauerland. 

Een zonnetje, korte broek, vlees, een ruime hoeveelheid bier en ander alcoholische versnaperingen zouden deze avond tot een feest maken. Nog voordat ik bij mijn vriend op het, veel te kleine overkapte terras plaats kon nemen, was ik al fietsend tot op het bot nat geregend. Nadruppelend van de fietstocht ontdekte ik de tweede tegenvaller, het bleek hier bij mijn vriend om een surrogaat barbecue te gaan! Oftewel een gasgestookte, nette en zeer royale ‘buitenkeuken’ met aflegmogelijkheden.. Even voor de duidelijkheid, barbecueën doe je mijns inziens op een ietwat roestige, royal van briketten en/of houtskool voorziene ‘halve-bol’ met een net-aan-schoon rooster die minimaal anderhalf uur ‘voor staat te gloeien’. Met een echte barbecue moet je ‘erbij’ blijven om te voorkomen dat het vlees niet verkoold en als dit, uiteraard, met enige regelmaat wel gebeurt dan zijn er altijd de sausen en het stokbrood nog! Een echte barbecue is een soort survival, s‘ nachts alleen in de tentje in de onherbergzame oerwouden van Borneo met ritselende struiken waarin zich koppensneller kunnen bevinden. Kortom barbecueën is een avondvullend avontuur waar de echte mannen zich van de rest onderscheiden! Uitdagend en vol spanning of het volgende stukje vlees wel goed dichtschroeit, gaar is en geen zwarte gedeeltes bevat. Gelukkig was de ruimte beperkt en werd ik, met m’n jas nog aan, op een stoel geplaats met m’n rug naar de schuur. Vervolgens werd de, redelijk zware en grote hardhouten buitentafel aangeschoven, zodat ik uitsluitend mijn armen nog kon bewegen om het ‘gewokte’ vlees en de Heinekens naar mijn mond te bewegen. Gelukkig, dan heb ik in ieder geval een excuus om me niet met dat zogenaamde barbecueën bezig te houden bedacht ik me nog. 

Na de zoveelste Heineken, te kleingesneden stukjes kip met hoisin sauce en de vierde stortbui kwamen we als vriendengroep in de, redelijk standaard, ‘emo-periode’ terecht! Dat is een zeer tijdelijke en voor een man zeer vreemde en enge periode van de avond waarop er gevoelens gedeeld worden! Deze gemoedstoestand word uitsluitend bereikt bij afwezigheid van partners en aanwezigheid van alcoholische versnaperingen. Dit is vaak de periode nadat alle stoere fietsverhalen al twee keer herhaald zijn het alcoholpercentage per glas verdubbeld. 

“Nou het zit ons ook niet mee vanavond”, begon één van m’n vrienden voorzichtig. Alleen deze opmerking werkte bij mij al als een rode lap op een stier, een soort startschot bij de 100 meter sprint. En als een door alcohol bedwelmde accountmanager die z’n gram bij de klant wil halen kwam al het negatieve van de avond als een kotsende tiener naar buiten. Maareh, je had het je dus anders voorgesteld, warmer, droger?, vroeg de senior van het gezelschap, rustig. Eeh ja, eigenlijk wel, reageerde ik enigszins verbaasd van mijn eigen waterval aan negatieve woorden en de rust waarmee hij de vraag stelde. Ook de gastheer mengde zich in het gesprek en voegde daar, ook al zeer beheerst aan toe, dat, als ik hem gebeld had, hij me haarfijn uit had kunnen leggen wat voor soort ‘barbecue’ hij die week aangeschaft had. 

De emo periode heb ik die avond niet meer achter me kunnen laten en op weg naar huis bedacht ik me ineens wat een geweldige vrienden ik eigenlijk heb! De aannames en negativiteit hebben ze me die avond vergeven en ik heb, achteraf gezien, een fantastische avond gehad. Voordat we naar het Sauerland gaan om te mountainbiken zal ik eerst eens goed informeren hoe iedereen de invulling van dit weekend ziet, hoe het terrein eruit ziet en of mijn materialen in orde zijn. Met deze voorbereiding en dankbaarheid voor de mogelijkheid om dit met deze vrienden te mogen doen weet ik zeker dat het een fantastisch weekend gaat worden!

Reacties

Populaire posts van deze blog

Dansen met Alice

I k mocht haar al lange tijd elke zaterdagavond voelen, althans haar rechterhand en linker schouderblad. Haar linker schouderblad wilde ik eigenlijk met m'n rechterhand volledig bevoelen maar onze dansleraar vond dat een wijsvinger en duim al meer dan genoeg was, een vleugeltje maken zei hij dan..  Vaak moest ik denken aan een nummer van Doe Maar, 'dansen wil ze wel met mij maar vrijen doet ze met een ander'... Ze heette overigens geen Alice maar voor dit verhaal en om het allemaal spannender te maken, noemen we haar maar even zo. En verliefd dat ik was op Alice, maar het bleef helaas elke keer bij die beperkte contacten op zaterdag.  Na de biertjes tijdens de pauze waren de remmingen iets minder en als er dan nog gedanst werd durfde ik het wel aan om iets meer 'gevoel' te tonen. En het resultaat van al die inspanningen mocht er zijn, na een seizoen dansen was het 'aan'! Achteraf denk ik dat het meer toegeven was aan mijn 'gezeur' dan dat ze echt ove

The Moz

I k voelde wel dat het niet al te positief bedoelt was en dat sprak me op dat moment blijkbaar erg aan. School was ook niet altijd even leuk en “I wanna go home, I don't want to stay, give up education, as a bad mistake” was dan ook, om met Paul Rabbering te spreken, de regel die me raakte. Onze Nederlandse John Peel, genaamd Frits Spits, liet tijdens de avondspits deze nieuwe muziek horen en het ging ergens over. Natuurlijk was er met U2 al een band opgestaan die politiek en sociaal geladen nummers maakte, maar dit was anders, dit kwam veel dichterbij..  Grootgebracht in de Nederpopperiode had ik me natuurlijk al best wel gewaagt aan ‘Joy Divison’ en ‘The Cure’, maar dit was toch anders.  Inmiddels kun je het woord wel weer zonder uitleg gebruiken omdat ook bij de jongeren onder ons de “Elpee” weer ingeburgerd is, maar ik schafte mezelf de dag erna deze langspeler aan. “Eeh, eens even kijken, de smijts zei je?”, “even op mijn lijstje kijken of die binnengekomen is”, hoor ik de man

Bengel II

E lke week kwam hij er minstens één keer, zijn favoriete kroegje in de Binnenstad. Waarom hij het daar zo gezellig vond, was hem niet altijd even duidelijk. Waren het de, meer dan vijftig soorten, bier die ze op de kaart hadden staan? Of de, ik-ben-gewoon-mezelf-en-kleed-me-daarom-minder modieus houding, van vele vaste bezoekers? Of was het misschien het feit dat er muziek gedraaid werd die grotendeels zijn goedkeuring kon wegdragen?  Het was in ieder geval zo’n kroegje waar hij op z’n gemak in z’n uppie binnenliep, een biertje bestelde en aan de bar ging zitten, donker en knus. Deze avond was het vreemd genoeg anders, hij was dit keer sowieso niet alleen maar met z’n beste maatje, de dag was weliswaar extreem zonnig en warm geweest, maar er hing ook een totaal andere sfeer. De sfeer was het beste te vergelijken met zijn ouderlijk huis op maandagmiddag. Van dinsdag tot en met zondag werd er door vijf personen geleefd, maar op maandagochtend gingen de stoelen op de tafel, de ramen ‘tege